codex seraphinianus

Een hefschroefregenboogwolk, een toboganjurk, een panopticon gevuld met water, een worm met aan de twee uiteinden een getande bek, twee benen die uitlopen in een nest met drie vogels of een regenscherm of een kano, armen waarvan de hand de vorm heeft van een pen of een hamer of een nijptang, een coronavuurtoren avant la... Lire la Suite →

voorlezen

Begin november verscheen een nieuw boek van Tonke Dragt en Rindert Kromhout. Ik kan mij niet herinneren dat ik ooit zelf een boek van Tonke Dragt heb gelezen, maar op een of andere manier roept haar naam telkens weer een van de zeldzame prettige herinneringen op aan mijn schooltijd. Uit een hommage die afgelopen weekend verscheen in De Standaard der Letteren (DSL) leid ik af dat de schrijfster nu 91 is en vrijwel blind en dat zij verblijft in een woonzorgcentrum. Ik lees er ook dat haar bekendste titel, ‘De brief voor de koning’, verscheen in 1962. 1962? Toen was ik elf. Ik moet dus in het vijfde of zesde leerjaar ...

pijpen

Soms windt hij zich nogal op over taalverloedering, en deze week dus over ‘oerwoudgeluiden’ en hoe die term eigenlijk een eufemisme is voor domweg racistisch gebral, dat echter om een of andere reden niet gewoon zo genoemd wordt. Het stuk eindigt: “De waarheid is dat sommige supporters in de marge van de voetbalmat geen oerwoudklanken voortbrengen, maar wel degelijk apengeluiden maken. ..." Los van het feit dat ‘hun smoelen’ in het meervoud een anglicisme is, valt mij vooral ‘de pijpen’ op. Welke pijpen van die lui? Hun broekspijpen? Tabakspijpen? Schoorsteenpijpen?

camelberg

Paasdag 2021: rechtstreeks verslag op de Nederlandse televisie van een wielerkoers in België. Ik hoor de verslaggever: “… en dan moeten zij ook nog de Kemmelberg over”. Twee seconden later lees ik de ondertiteling: “… en dan moeten zij ook nog de Camelberg over”. En inderdaad, op datzelfde moment zegt de verslaggever: “Het is mij een raadsel hoe die naam in het Belgische straatbeeld terecht is gekomen”. Hoe ver moet je heen zijn ...

etnische studies

Hoe moeilijk kan het zijn onderwijs aan te bieden dat inhoudelijk recht doet aan de diversiteit van de leerlingen/studenten/scholieren voor wie het bedoeld is? Behoorlijk moeilijk, zo blijkt soms. (...) Hoe ingewikkeld deze dekolonisering van het onderwijs zelfs in de bakermat ervan ligt, blijkt uit recente verwikkelingen in California. Daar proberen namelijk allerlei verschillende belangengroepen, die alle menen een onderdrukte (etnische) minderheid te vertegenwoordigen, gezichtspunten van anderen uit het curriculum te verwijderen.

mijn zuster

Ruprecht wil niet alleen weg van “de bleeke gezichten met hun vischachtige kilheid” in Europa, hij wil ook terug naar Maria, het donkere meisje met wie hij zijn jeugd heeft doorgebracht op het landgoed van de familie. De herinnering aan haar houdt voor hem nog steeds een belofte in van sensualiteit en erotiek. Hij kent het gerucht dat Maria eigenlijk het buitenechtelijke kind is dat zijn vader verwekt heeft bij een van de bediendes, maar “Dat kon zoo zijn. Maar dat kon ook heel anders zijn.” Je voelt het al snel aankomen: vijftig pagina’s verder blijkt de negerin Maria waar hij naar verlangt wel degelijk zijn halfzus.

Créez un site ou un blog sur WordPress.com

Retour en haut ↑

%d blogueurs aiment cette page :