mit andere verter 2

... Ik kan er over meepraten. In de les groeten wij elkaar met een welgemeend sjolem aleichem. Maar toen ik dat bij mijn laatste winkelronde in de buurt van het Antwerpse Centraal Station ook probeerde, was het even welgemeende antwoord bij de koosjere viswinkel, traiteur en bakker: ‘goede middag’ of ‘hallo!’ Dat het anders kon en moest, bleek uiteindelijk bij De Heimishe Bakkerij waar vlak na mij een jong meisje binnenkwam, die (dat?) vrolijk sjlum! riep en prompt in het Jiddisch verder werd geholpen. ...

cluster 17

Het blijft mij bezighouden, dat onderscheid tussen ‘links’ en ‘rechts’ in politieke zin. Eerder had ik het er al over dat in de doorsnee media zo makkelijk links en progressief worden gelijkgesteld, net zoals rechts en conservatief blijkbaar onderling verwisselbaar zijn. Gemakzucht, verwardheid en/of luiheid in het denken, vermoedde ik in 2017 (progressief – conservatief). … Lire la suite de cluster 17

poutin poutin

Pour autant que je sache, il n’y a que le français qui ajoute en écrit un [e] final au nom du président russe Poutine. Ni la langue russe (Путин), ni le néerlandais (Poetin), ni l’allemand,  l’italien ou l’anglais (Putin), ni le yiddish (comme dans !פּוטין איז אַ שװאַנץ) ont besoin de ce [e] pour exprimer la … Lire la suite de poutin poutin

voorlezen

Begin november verscheen een nieuw boek van Tonke Dragt en Rindert Kromhout. Ik kan mij niet herinneren dat ik ooit zelf een boek van Tonke Dragt heb gelezen, maar op een of andere manier roept haar naam telkens weer een van de zeldzame prettige herinneringen op aan mijn schooltijd. Uit een hommage die afgelopen weekend verscheen in De Standaard der Letteren (DSL) leid ik af dat de schrijfster nu 91 is en vrijwel blind en dat zij verblijft in een woonzorgcentrum. Ik lees er ook dat haar bekendste titel, ‘De brief voor de koning’, verscheen in 1962. 1962? Toen was ik elf. Ik moet dus in het vijfde of zesde leerjaar ...

pijpen

Soms windt hij zich nogal op over taalverloedering, en deze week dus over ‘oerwoudgeluiden’ en hoe die term eigenlijk een eufemisme is voor domweg racistisch gebral, dat echter om een of andere reden niet gewoon zo genoemd wordt. Het stuk eindigt: “De waarheid is dat sommige supporters in de marge van de voetbalmat geen oerwoudklanken voortbrengen, maar wel degelijk apengeluiden maken. ..." Los van het feit dat ‘hun smoelen’ in het meervoud een anglicisme is, valt mij vooral ‘de pijpen’ op. Welke pijpen van die lui? Hun broekspijpen? Tabakspijpen? Schoorsteenpijpen?